Berichten met een Label ‘Trauma’

Liefde als heelmeester

Liefde heelt psychische wonden. Liefde kan ook kwetsbaar voelen. Of bedekt zijn met schaamte. Over liefde in therapie en liefde in herstel. En een hartenwens voor diepgaande veranderingen in de geestelijke gezondheidszorg.


In de uitzending GGZ onder Druk zegt psychiater Jim van Os dat wat echt werkt in de psychiatrie en de psychologie, liefde is. Liefde en menselijkheid. We moeten af van het hele idee van ‘medische evidence’ bij psychisch lijden, voegt hij eraan toe.

Ik denk dat veel zorgverleners dit diep vanbinnen weten. Maar vanuit de systemen die ons vormen – niet alleen de zorgsector, maar maatschappelijke systemen in brede zin – krijgen we iets heel anders mee.


Liefde vs. ratio

Vanuit onze opvoeding, opleiding, het professionele leven en vele andere wegen krijgen we vooral mee dat de ratio heerst. Dat je dient te beschouwen, onderzoeken, analyseren en beargumenteren of bewijzen waarom je iets vindt, zegt of doet. Niet alleen het contact met onze innerlijke wijsheid raken we zo kwijt, ook de verbinding met ons gevoel, en ons mens-zijn. Dit leidt nu tot grote problemen in de (geestelijke) gezondheidszorg, die zwaar onder druk staat, en in de samenleving. Om deze reden is het pleidooi van Jim van Os zeer relevant en waardevol.

Voor mij, als therapeut, is het ook een erkenning van mijn aanpak. Alsof ik toch niet helemáál gek ben, niet alleen maar ‘zweverig’. Het voelt alsof ik toestemming krijg om vanuit liefde en gevoel te werken met mijn cliënten. Want ik werk altijd vanuit mijn hart. Alleen schrijf of spreek ik er niet over. Omdat ik bang ben niet serieus genomen te worden als therapeut. Omdat liefde zo kwetsbaar voelt. Omdat ik me ervoor schaam.

Ik denk niet dat ik de enige zorgverlener ben die het zo ervaart. Een collega zei eens in een intervisiegroep dat ze van al haar cliënten houdt. Opgetrokken wenkbrauwen en bezorgde opmerkingen alom. Of ze wel professionele afstand hield, niet te veel ging zorgen voor een ander, en welke methoden ze dan inzette? Ook cliënten kunnen kritisch zijn als ik voorstel om ergens met liefde naar te kijken: ‘Er is echt wel wat meer nodig dan liefde’, en: ‘Je kunt niet alles met de mantel der liefde bedekken.’ (Meenemer: ergens liefdevol naar kijken houdt niet in dat je het ontkent of goedkeurt.)


Emoties in de verdrukking

Vroeger, bij mij thuis, waren liefde en andere emoties geen onderwerp van gesprek. Emoties wáren er wel, maar ze moesten worden beheerst. Dat gold voor niet-prettige gevoelens (boosheid, angst, verdriet), maar ook voor plezierige. Blijdschap was onder bepaalde omstandigheden oké, maar uitbundigheid of genot niet. Begeerte ook niet, en ontroering of geraaktheid – emoties die allemaal met liefde te maken hebben – evenmin. Deze gevoelens raakten vermengd met oordelen en schaamte.

Geknuffeld werd er niet, laat staan dat er werd gezegd: ik houd van je. Ik ben niet liefdeloos opgevoed. Maar de liefde die er was, was lastig. Ze was aangetast door angst, verdriet en boosheid. En onvoorwaardelijk was ze nooit.


Liefde in een korset

Als kind leerde ik dat liefde iets is dat je kunt verdienen door zelf ‘lief’ te zijn. Lief zijn betekende gehoorzamen. Doen wat je ouders je zeggen. Goed je best doen op school. Meedoen met de anderen. Niet anders zijn of afwijken. Rustig en stil zijn. Geen uiting geven aan je gevoelens. Netjes eten, netjes praten. Liefde zat ingeklemd in een korset van verwachtingen. Rechtop, buik in, kin omhoog en (ingesnoerde) borst vooruit.

De prijs die ik moest betalen voor de ‘liefde’ die mij soms ten deel viel, was te groot. Dus gaf ik de liefde op. Blijkbaar was ik geen liefde waard. Of alleen een vorm van liefde die pijn deed. Ik stopte met geloven in liefde. Ik had er geen benul van dat de wetten die ik van huis uit had meegekregen, weinig met liefde te maken hadden.

Wat ik schrijf over mijzelf zie ik terug bij veel van mijn cliënten. Net als ik, vonden zij een surrogaatliefde in drank, drugs, eten of andere redmiddelen. En net als ik geloofden zij dat die illusie van liefde voor hen goed genoeg was – of het hoogst haalbare.


Liefde als waakvlam

Wat échte liefde is, heb ik als volwassene mogen ontdekken, met de hulp van lieve mensen, onder wie mijn eigen therapeuten. Liefde heelt psychische wonden. Ook lang nadat de verwondingen zijn ontstaan, zoals het geval is bij trauma. Maar hoe dan? Zonder te pretenderen iets te kunnen verklaren dat véle malen groter is dan mijn verstand kan bevatten, wil ik mijn persoonlijke visie delen.

Ik vermoed dat liefde werkt, omdat liefde het essentiële vlammetje is dat ons doet leven. Liefde kan ‘helen’, omdat het onze natuurlijke bron van heelheid is. Ik geloof dat liefde een aangeboren gevoelskwaliteit is, waarover ieder mens beschikt. Liefde is als een waakvlammetje dat nooit helemaal uitdooft. In ideale leefomstandigheden wordt het gevoed en aangewakkerd in de verbinding met andere mensen. Helaas gebeurt dat laatste niet bij iedereen. Of niet op de cruciale momenten waarop het zou moeten.

Deze mensen lopen tekorten op en kwetsuren waardoor ze minder weerbaar worden. Sommigen zoeken voor die kwetsuren oplossingen – in middelen, zelfverwonding, agressie of andere vormen van afleiding – waardoor ze zichzelf nog meer pijn doen en verder in de problemen komen.

Enkelen van hen komen bij mij. En wat ik in essentie poog te doen, is hen helpen om zichzelf lief te hebben, door zelf in liefde met hen te zijn. In een veilige setting, met behulp van therapeutische rituelen, help ik mensen om weer contact te maken met die innerlijke bron van liefde, en van daaruit de persoon te omarmen die ze zijn.


De kracht van liefde

Waaruit bestaat dan precies die helende kracht van liefde?

Afgelopen voorjaar overleed een van de mensen die het vlammetje van liefde in mij aanwakkerden. Anat Geiger was mijn eerste yogaleraar. Ik volgde haar lessen in een periode waarin ik niet goed in mijn vel zat, lang voordat ik in herstel kwam. Anat zag mij. Elke keer dat ik de les binnenkwam, zat ze kalm en aanwezig midden in de zaal en schonk ze mij haar volledige aandacht. Ze keek me aan, glimlachte verwelkomend, en noemde me bij mijn naam. That’s it. En dat elke week opnieuw.

Een ander die jou werkelijk ziet, erkent jouw bestaan. Zo kun je beseffen dat je er bent, en dat jouw ‘zijn’ ertoe doet. Als die ander aanwezig en beschikbaar blijft, zonder voorwaarden te verbinden aan de relatie en zonder over je te oordelen, ervaar je dat je helemaal welkom bent. Precies zoals je bent. Anat was als een spiegel voor me. Door haar liefdevolle manier van ‘zijn’, spiegelde zij liefde voor mij, en heelheid.

In verbondenheid volledig jezelf kunnen zijn, exact zoals je bent met alles wat je voelt (dus óók de niet-prettige gevoelens!), is voor mij de basis van liefde. Die verbinding kun je ervaren met een ander mens, maar dat hoeft niet. Je kunt ook liefde ervaren in verbinding met je omgeving. Met de natuur of de stad, de wereld of de hele mensheid. Of misschien wel met ‘god’, zoals jij die ervaart.

De aanwezigheid van een beschikbare ander heeft wel een grote meerwaarde. Als iemand op jouw ‘gevoelsfrequentie’ afstemt en met jou meevoelt (óók met de pijnlijke gevoelens!), kan een gevoelservaring ontstaan die ik nog het beste omschrijf als ’thuiskomen’. In verbondenheid met iemand die er echt met jou is, wordt liefde tot leven gewekt. Deze liefde kun je overbrengen op de plekken die pijn doen. En zo kunnen wonden helen.


Liefde in herstel

Niet alleen in therapie kun je de helende kracht van liefde ervaren. Zeker niet! Liefde is ook de wezenlijke kracht van lotgenotengroepen en herstelcommunity’s, plekken waar mensen in gelijkwaardigheid en openheid hun ervaringen delen en zichzelf in elkaar herkennen, of vinden. Een veilige, warme en liefdevolle groep kan een volwaardig alternatief zijn voor therapie.

Al met al sluit ik het jaar positief af. Ik ben heel blij met de toenemende aandacht voor trauma en gehechtheid (liefde) en de groeiende gerichtheid op herstel, mede onder invloed van ervaringsdeskundigen en professionals zoals Jim van Os.

Ik ben positief gestemd over de mogelijkheid van transformatie van de geestelijke gezondheidszorg. Een transformatie naar een realiteit waarin mensen met psychische problemen, hun naasten, herstelgroepen en professionals – inclusief de coaches en complementair zorgverleners – met elkaar samenwerken in een verband gebaseerd op menselijkheid en liefde.

 

  • Kijktip: Stutz, op Netflix, is een parel van een documentaire over echt contact en de relatie tussen Jonah en zijn therapeut, Phil Stutz.

  • Komend voorjaar verschijnt mijn boek: Ik weet dat je er bent. Een gids voor professionals die werken met mensen met verslavingen of eetproblemen. Het is een combinatie van theorie, veel handvatten en technieken, verhalen van cliënten en mijn eigen verhaal. Alles uiteraard liefdevol beschreven. 🙂 Hier en hier lees je er meer over.
duiveltje

Engel vs duiveltje: Verslaving als conflict

Als je dit leest is er een goede kans dat je kampt met een hardnekkige gewoonte of misschien wel een verslaving. Of wellicht ben je een medestrijder in het gevecht tegen de verslaving of eetstoornis van een dierbare. Hoe is het voor je om continu in gevecht te zijn? Wat levert het je op? En tegen wie of wat vecht je eigenlijk precies?

 

I hold a beast, an angel, and a madman in me,
and my enquiry is as to their working,
and my problem is their subjugation and victory, downthrow and upheaval,
and my effort is their self-expression.

Als je een verslaving of eetstoornis hebt herken je vast wel iets in de innerlijke strijd van Dylan Thomas, de aan alcohol verslaafde dichter. Het is het gekmakende ingeklemd zitten tussen het bekende duiveltje dat je verleidt tot handelingen waarvan je achteraf spijt krijgt, en het engeltje dat je probeert te redden van de teloorgang. Als je een naaste bent van iemand met een verslaving, is het mogelijk dat jij jezelf ziet als die hardwerkende engel die strijdt tegen de demonen van je dierbare.

Integratieve begeleiding bij verslaving

Work in progress

Het afgelopen jaar ben ik begonnen aan een boek, een boek dat ik zelf schrijf welteverstaan. Het is een beestenklus en ik heb nog een lange weg te gaan, maar ben inmiddels ook al een eind gevorderd. Genoeg om nu een tipje van de sluier op te lichten.


Het boek in wording is mijn kijk op verslaving en herstel uitgewerkt in een integratieve behandelmethodiek. Ik schrijf voor een breed scala aan professionele hulpverleners – coaches, ervaringswerkers, counselors, therapeuten, psychologen – die werken of willen werken met mensen die kampen met hardnekkige gewoontes, verslavingen aan middelen of gedragspatronen, eetproblemen of andere dwangmatigheden. Ook wie mensen begeleidt die al in herstel zijn, dus geen actieve verslaving of eetstoornis meer hebben, kan er veel aan hebben.


Corona en lange wachtlijsten

Het idee voor een boek ontstond aan het begin van de coronacrisis. In de lente van 2020 stroomden de aanmeldingen mijn inbox binnen. Allemaal mensen die worstelden met verslavingen en eetproblemen. Ook vroegere cliënten vielen terug in oud gedrag. De persoonlijke en sociale gevolgen van covid-19 triggeren veel angst, pijn en trauma. Mensen reageren hierop vanuit hun overlevingsstrategieën. Wie in paniek, boos of rusteloos raakt, gaat op zoek naar verlichting van zijn symptomen; wie eerder lusteloos wordt of zich terugtrekt, zoekt naar prettiger of meer stimulerende gevoelens. Zo worden allerlei sluimerende verslavingsdynamieken aangewakkerd.

Omdat ik deze mensen onmogelijk allemaal zelf kon behandelen, wilde ik hen doorverwijzen. Maar… naar wie? Specialistische GGZ-instellingen kampen met lange wachtlijsten. Om die reden kloppen sommige mensen juist bij mij aan, als vrijgevestigd complementair therapeut. Er zijn veel goede zelfstandige therapeuten en coaches, maar helaas werken weinigen van hen gericht met verslavingsproblematiek.

Verslavingen en eetstoornissen zouden moeilijk behandelbaar zijn. Er zijn zorgverleners die een alcohol- of drugsverslaving als contra-indicatie voor behandeling beschouwen. Andere vinden de materie te ‘heftig’ of ‘ingewikkeld’. Toch durf ik te wedden dat ook zij cliënten met verslavingen in hun praktijk hebben, die daarover zwijgen.

Is een verslaving echt zo lastig te behandelen? Is het inderdaad alleen maar zwaar en heftig? Wie zijn eigenlijk die ‘verslaafden’ en ‘eetgestoorden’? Welke gevoelens, behoeftes en verlangens spelen er bij afhankelijkheid, naast het middel en het gedrag met de zo schrijnende gevolgen? Wat kun je doen als therapeut of coach wanneer je cliënt een afhankelijkheidsprobleem blijkt te hebben? Op welke doelen richt je je en hoe kun je een traject vormgeven? Mijn intentie is om antwoorden aan te bieden op deze vragen en collega’s te inspireren en te enthousiasmeren om aan de slag te gaan met deze pijnlijke, maar ook enorm boeiende, veelzijdige en universele thematiek.


Vele visies op verslaving

Je kunt op heel uiteenlopende manieren naar verslaving kijken. Sommige wetenschappers zien het als een ziekte, andere als een versneld of verstoord leerproces. Voor de een is het een symptoom van onderliggend lijden, voor een ander een manier van troost zoeken. Volgens velen is een verslaving of eetprobleem een teken van zwakte. Voor mij laat de grote verscheidenheid aan paradigma’s vooral zien dat ieders verhouding met verslaving uniek en persoonlijk is. Verslaving en herstel worden op een subjectieve manier ervaren en beleefd, en mede daarom verdient elk mens – in mijn ogen – een maatwerkoplossing.

Ik omhels het uitgangspunt dat verslaving een reactie is op pijn en lijden. Vaak is het een respons op traumatiserende gebeurtenissen, in elk geval een poging om onszelf te beschermen of te handhaven. Verslavingen en eetstoornissen zijn strategieën waarmee we onszelf hebben aangepast aan niet-ideale omstandigheden of waarmee we letterlijk hebben overleefd.

Een alcohol- of middelenverslaving gaat evenmin over alcohol of drugs als een eetstoornis gaat over eten of een seksverslaving over seks. Het gaat er ook niet om of datgene waaraan je hooked bent gezond is of niet. We kunnen ook ongezond veel gezonde dingen doen, zoals sporten, werken, plantaardig eten of anderen helpen.

Waar het wel over gaat, is wat we ermee vermijden of verzachten en uiteindelijk wat we ermee proberen te bereiken. Als we alcohol, drugs, eten, seks, werk of wat dan ook gebruiken als substituut voor iets dat we tekortkomen, als het eigenlijk liefde, aandacht of goedkeuring is waarnaar we hunkeren, dan zal niets buiten onszelf ooit genoeg zijn om die behoefte te vervullen. Je dat werkelijk realiseren kan het begin zijn van een andere weg, een ander soort zoektocht die je niet verder van jezelf verwijdert, maar juist dichter bij jezelf brengt.


Uitdagingen

Een van de uitdagingen die ik ben aangegaan is om drie belangrijke componenten van herstel te combineren in een methodiek. Er is een gedrag dat je wilt veranderen; dat gedrag is niet los te zien van onderliggende motieven en veroorzakers; en er is een verlangen, bijvoorbeeld naar groei en zingeving. In de afgelopen jaren heb ik geprobeerd een behandelmethodiek te ontwikkelen die praktische en gedragsgerichte coaching en therapie combineert met onderzoekend, trauma- en herstelgericht werk, en waarmee je mensen kunt begeleiden op hun innerlijke ontdekkingsreis naar blijvende vervulling. Daarnaast is het een integrale aanpak, dus met aandacht voor de lichamelijke, emotionele, mentale en spirituele dimensies van mensen.

Ik maak een methodiek als een pizzabodem die je vervolgens eenvoudig zelf kunt beleggen met je eigen favoriete ingrediënten, qua insteek en technieken.* Ik bekijk verslaving overwegend vanuit de identiteit en het delenparadigma, en integreer inzichten uit de gedragswetenschap, de neurobiologie, de psychotraumatologie, het systemische gedachtegoed, de bewustzijnsleer en het non-dualisme.

Ik gebruik een mix aan methodes en technieken, zowel evidence-based als experimentele, die ik meestal niet zelf heb bedacht maar soms wel heb aangepast naar eigen inzicht. Deze toets ik voortdurend in mijn eigen praktijk waarin ik op mijn beurt weer word geïnspireerd door mijn cliënten. Mijn aanpak is practice-based – het werkt omdat cliënten ervaren dat het werkt – en tegelijkertijd stevig gestoeld op actuele, toonaangevende paradigma’s en bewezen behandelmodellen.


De waarde van persoonlijke ervaringen

Mijn behandelvisie is ontstaan vanuit mijn eigen ervaringen met een eetstoornis en meerdere verslavingen. Deze hebben richting gegeven aan het pad dat ik heb bewandeld, ook als therapeut. Met mijn boek wil ik ook anderen inspireren om hun eigen ervaringen te gebruiken in de praktijk.

Weinig mensen praten openlijk over hun slechte gewoontes. Ik schaam mij al lang niet meer voor mijn verslaafde ‘ikje’. Ik beschouw mijn ervaringsdeskundigheid als kwaliteit en mijn nuchterheid zelfs als superkracht. Door mijn ervaringen te delen hoop ik een bijdrage te leveren aan het doorbreken van een taboe: iets dat zo pijnlijk of schaamtevol is dat we er liever over zwijgen. Taboes en stigma’s (negatieve labels die we op iemand of iets plakken) verergeren de impact van verslavingsproblemen – en niet alleen daarvan.

In een therapeutische of coachpraktijk is het inzetten van de persoonlijke ervaringen van de begeleider een concrete manier om invulling te geven aan een gelijkwaardige relatie met de cliënt. Oprechte gelijkwaardigheid kan een katalysator van verandering zijn. Dit geldt overigens niet alleen voor therapeutische relaties, maar voor álle onderlinge relaties, zowel in de professionele als de privésfeer.

Door jezelf kwetsbaar op te stellen en open, compassievol en wellicht met humor te praten over je eigen feilbaarheden, help je anderen om hun schaamte te doorbreken, bestrijd je (zelf)stigma en sociale taboes, laat je jezelf zien zoals je werkelijk bent en inspireer je daarmee anderen om op hun beurt authentiek zichzelf te zijn. Authenticiteit is in veel opzichten het tegenovergestelde van een verslaving of eetstoornis. Dat geldt ook voor nieuwsgierigheid, een kwaliteit die zich kenmerkt door een open, onderzoekende houding. Nieuwsgierigheid is een gezonder alternatief voor vermijden en afweren en daarmee een belangrijk instrument voor wie zich wil bevrijden van ongewenste gewoontepatronen.


De kracht van (h)erkenning

Ik kan niet gedreven genoeg zijn in mijn pleidooi voor authenticiteit, kwetsbaarheid en nieuwsgierigheid. Waarom is het zo lastig om geconfronteerd te worden met dingen die pijnlijk zijn, maar toch heus bestaan, zoals verslavingen en psychische problemen, trauma en kwetsbaarheid? Is het misschien omdat het iets in onszelf oproept dat we niet willen aankijken of aangaan? Waarom is het toch zo moeilijk om verantwoordelijkheid te nemen voor al onze eigen gevoelens?

Je zou hier een korte pauze kunnen nemen en stilstaan bij iets dat je afkeurt in jezelf en liever verborgen houdt voor de buitenwereld, bijvoorbeeld een vervelende gewoonte die je overmatig doet. Misschien heb je al vaak geprobeerd om ervan af te komen, maar is het nog niet gelukt. Sta er even bij stil en laat alle gevoelens en gedachten die spontaan naar boven komen, toe. Als je geen enkele gewoonte hebt waarmee je worstelt, kijk dan eens rond in je omgeving en probeer je in te leven, in dat familielid, die vriend of collega die er wel last van heeft.

Door de universele aspecten van pijn, ongemak en verslaving te erkennen kunnen we een groot verschil maken in de manier waarop wij ons opstellen richting anderen. En tegelijkertijd krijgen we een kans om iets te helen in onszelf. Zolang we blijven benadrukken dat de ander ziek is of een probleem heeft, zeggen we in wezen ook dat ons niets mankeert en dat wij nergens last van hebben. De aan alcohol verslaafde dichter Dylan Thomas verwoordde het als volgt: “An alcoholic is someone you don’t like, who drinks as much as you do.”

Door niet langer te oordelen of te ontkennen, maar contact te maken met pijn en verslavingsgedrag in onszelf en deze eerlijk te onderzoeken, dragen we bij aan de bestrijding van angst en pijn. Door bereid te zijn onszelf te laten raken en de pijn van de ander toe te laten in onszelf, om er mogelijk achter te komen dat deze slechts een spiegel is van ons eigen lijden, ontwikkelen we de compassie waarmee we onze cliënten nog beter kunnen begeleiden – zonder uiteraard onszelf met anderen te vergelijken en tekort te doen aan ieders subjectieve ervaring.


Zelfleiderschap

Ik geloof dat volledig herstel van een verslaving of eetprobleem mogelijk is. Omdat ik het zelf heb ondervonden en omdat ik er in mijn praktijk steeds weer getuige van mag zijn. Ieder mens beschikt over de capaciteiten en hulpbronnen om het eigen zelfhelend vermogen in te zetten voor verandering. Door mijn aanpak te delen met collega’s hoop ik dat nog meer mensen geholpen worden om contact te maken met hun innerlijke wereld en de vermogens die daarin beschikbaar zijn.

Verandering is een gegeven, een natuurwet, dus natuurlijk kunnen we veranderen. Maar een ander helpen om te veranderen betekent niet per definitie dat die ander datgene doet wat wij goed achten voor die ander. Iedereen heeft het volste recht om te beschikken over zichzelf. Concreet betekent dit ook dat niet elk begeleidingstraject hoeft te eindigen in het kunnen beheersen van een hardnekkige gewoonte. Een succesvol traject brengt mensen een stapje dichter bij hun eigen doelen. Gezonde autonomie en zelfleiderschap vormen een rode draad binnen mijn methodiek.


Een les en een groeikans

Het schrijven van dit boek is een enorme les in discipline, doorzettingsvermogen, toewijding en nederigheid. Ik kom al mijn saboteurs tegen en dat in een periode waarin ook ik veelvuldig word geconfronteerd met mijn eigen angsten en traumapijn.

Ik ben ontzettend dankbaar dat ik lieve mensen om mij heen heb die mij bij dit proces willen begeleiden. Zij herinneren mij er steeds weer aan dat pijn en uitdagingen een kans zijn om te groeien en dat ik niet alleen ben. Dit werk is onderdeel van mijn missie, en daarmee een antwoord op mijn eigen zoektocht naar zingeving, een pleister voor mijn wonden en een duurzame vervulling van mijn bestaan.

Ik wens je een warm en liefdevol nieuw jaar in authentieke verbinding met jezelf en je naasten.


* Met dank aan Roby Abeles, een van mijn trainers, voor de metafoor van de pizza.

 

Jezelf bevrijden van schaamte en schuld… Hoe dan? Lees het hier

verslaving en pijn

Groeipijn

Door de sociale gevolgen van corona komen veel pijn en trauma aan de oppervlakte. Hoe wij ons verbonden voelen met anderen herinnert aan hoe wij ons hechtten aan onze ouders, en deze binding beïnvloedt direct de wijze waarop we omgaan met angst, stress en lastige emoties. Dit blog draag ik op aan mijn moeder. Haar pijn was brandstof voor mijn groei.


Een hopeloze poging

Verslavingsexpert Gabor Mate stelt dat verslaving noch een keuze, noch een ziekte is, maar voortkomt uit de wanhopige poging van een mens om een probleem op te lossen: het probleem van emotionele pijn, van overweldigende stress, van verbroken verbinding, van controleverlies en diep ongemak met het zelf. Vandaar zijn mantra: “De vraag is niet waarom de verslaving, maar waarom de pijn.“*

Dr. Daniel Sumrok meent zelfs dat verslaving geen verslaving zou moeten worden genoemd. Het zou “geritualiseerd dwangmatig troost zoeken” moeten heten. Geritualiseerd dwangmatig comfort zoeken is een normale reactie op de tegenspoed die in de kindertijd wordt ervaren, net zoals bloeden een normale reactie is op een steekpartij, aldus Sumrok. **

Innerlijke leegte

De leegte vullen. Hoe dan?

Verslaving gaat over gemis en verlangen naar vervulling. Maar zoeken we op de juiste plek? Wat kunnen we concreet doen om onze tekorten aan te vullen op een manier die beklijft? Hoe vullen we blijvend onze innerlijke leegte?


Een onweerstaanbare drang gecombineerd met een grenzeloze gedrevenheid om een beter gevoel te verkrijgen – telkens weer, steeds vaker en in grotere hoeveelheden, omdat het goede gevoel in toenemende mate relatief en kortstondig blijkt en blijft roepen om méér. Nooit is het genoeg. Dat is voor mij de ervaring van verslaving.

“Eentje maar” gaat simpelweg niet op, omdat eentje niet voldoet, nooit heeft voldaan en het ook nooit zal doen, hoe graag we dat ook zouden willen. En toch blijven we doorgaan met onze rituelen, dag in dag uit, onvermoeibaar. Omdat we volledig in de ban zijn geraakt van die tijdelijke illusie van voldoening, ook wel roes genoemd. Omdat onze drang naar vervulling zo onmiskenbaar écht en onoverkomelijk lijkt. En omdat we werkelijk geen flauw idee hebben wat we anders zouden moeten doen om te krijgen wat we zo hartstochtelijk verlangen.